Marjet van Cleeff

In haar herinnering was Marjet op de basisschool in Arnhem alleen maar bezig met het verzinnen van verhalen, het spelen van toneelstukjes en het schrijven van liedjes. Op de middelbare school werd dat anders. Ze bleef natuurlijk wel bezig met schrijven, maar geen verhaaltjes meer. Ze schreef moeilijke en sombere gedichten voor de schoolkrant. Later ging ze weer meer toneelspelen (op een bepaald moment zat ze in twee toneelgroepen tegelijk) en in haar eindexamenjaar maakte ze met een groep vrienden een heel mooie film over de dichter Marsman.
Tijdens haar studie Nederlands in Amsterdam ontdekte Marjet dat ze verhalen voor kinderen schrijven het allerleukste vond. Het duurde even voor ze er iets mee durfde te doen. In de tussentijd werkte ze voor een uitgeverij, gaf ze toneellessen, trouwde ze, verhuisde ze naar Den Haag en kreeg ze drie kinderen.
Toen kwam ze Marja Roscam Abbing tegen. Marjet en Marja wilden allebei graag goede, spannende kinderboeken schrijven, want daar waren er nog veel te weinig van, vonden ze. In hun eentje vonden ze dat een beetje eng, maar samen konden ze dat heel goed. Ze noemden zich “Abbing en Van Cleeff”. Samen schreven ze drie spannende kinderboeken:
Struisvogelkoorts, De zwarte rugzak en Wespeneiland. Voor De zwarte rugzak, hun tweede boek, kregen ze de Zilveren Griffel in 1998.
Nu schrijft Marjet alweer een tijdje alleen, net als toen ze die allereerste verhaaltjes schreef op de basisschool. En, behalve schrijfster, is ze ook lerares Nederlands en drama aan het Haags Montessori Lyceum. Eerst schreef ze Het geheim onder het bed, en daarna Het dertiende uur. Dat is dus eigenlijk haar tweede én haar vijfde boek. De hoofdpersoon Ment bestond al, want die komt voor in De zwarte rugzak. Maar Ment is nu wat ouder geworden, en hij beleeft zijn eigen avontuur. Marjet en Ment gaan allebei in hun eentje verder! Meer weten? Kijk op www.marjetvancleeff.nl
© Foto: Evelien Davidson

Lees meer
Marjet van Cleeff