Illustratie uit Mijn zelfleesboek voor groep 3 door Saskia Halfmouw

Dyslexie

Het ene kind leert sneller lezen dan het andere. En het leerproces gaat ook niet altijd in een even regelmatig tempo. Soms lijkt het leren van nieuwe woorden te stagneren, en dan maakt je kind ineens weer een inhaalslag. Maar gaat het leren lezen en schrijven structureel niet lekker, dan kan er sprake zijn van dyslexie. Dyslexie komt voor bij 5 à 10 procent van de bevolking. Vertaald naar een schoolklas betekent dit dat er gemiddeld 1 à 2 kinderen met dyslexie in een klas zitten.

Vraag & antwoord

Hoe ontstaat dyslexie?

Verschillende gebieden in de hersenen hebben te maken met taal. Het ene gebied is bijvoorbeeld verantwoordelijk voor het goed uitspreken van woorden, en voor stil kunnen lezen. Een ander stukje zorgt voor het herkennen van gesproken woorden. Of voor het snel kunnen zien van patronen in de volgorde van woorden. Als een zo’n gebied niet goed ontwikkeld is, of als de verbindingen tussen die verschillende hersengebieden niet sterk genoeg zijn, heeft dit dyslexie als gevolg.

Dyslexie kan erfelijk zijn. Het komt regelmatig vaker binnen één familie voor.

En wat gaat er mis bij het lezen?

Bij oppervlakkige dyslexie leert een kind de woorden lettergreep voor lettergreep, fonologisch heet dat. Op zich niet verkeerd, maar het gaat niet snel en wordt lastig bij woorden die anders uitgesproken dan geschreven worden. Andere kinderen maken juist een visueel beeld van een woord. Ze herkennen dan wel woorden die ze zelf al kennen, maar woorden lezen die buiten hun woordenschat vallen blijkt een onmogelijke opgave.

En in het meest serieuze geval is er sprake van beide vormen van dyslexie, dan is er sprake van diepe of gemengde dyslexie.

Hoe herken je dyslexie?

Soms merk je bij kleuters al dat ze moeite hebben met het leren onthouden van liedjes of rijmpjes. Of zie je dat ze niet op een bepaald woord kunnen komen. Ook hebben kinderen met dyslexie over het algemeen moeite met begrippen als onder en boven, en voor en achter. En het aanleren van het verschil tussen links en rechts is vaak ook lastig.

Bij het lezen zie je dat kinderen met dyslexie langzamer lezen en veel lees- en spelfouten maken. Ook draaien ze vaak letters om, of veranderen ze de volgorde van letters binnen een woord. Ze ‘smokkelen’ ook regelmatig. Dan worden bij het hardop lezen van een tekst de korte woordjes overgeslagen of vervangen door iets heel anders. Een handige oplossing die leuke resultaten op kan leveren, maar helaas is dit niet de bedoeling bij de leesles…

Je kind met dyslexie kan ook moeite hebben met andere vakken. Want rijtjes plaatsnamen opschrijven bij topo of de tafels onthouden bij rekenen is voor je kind een grotere opgave dan voor zijn of haar klasgenootjes.

Hoe kun je kinderen met dyslexie helpen?

Een risico is dat je kind lezen steeds minder leuk gaat vinden. En dat terwijl het juist belangrijk is om te blijven oefenen.  De school heeft een gerichte aanpak voor de behandeling van dyslexie. Maar het is belangrijk dat je kind ook thuis leest. Kies daarvoor een rustig moment, als je kind nog niet te moe is. Denk aan samen lezen, pak allebei een boek. Of lees om de beurt een stukje uit de tekst waar je kind mee bezig is. Breng er regelmaat in, maar zet je kind niet teveel onder druk.

Ook is het belangrijk om die dingen te benadrukken waar hij of zij wél goed in is. Daarmee stimuleer je het zelfvertrouwen van je kind.

Artikelen over Beginnende lezer & AVI boeken

Hoe wordt een AVI-niveau bepaald?

Hoe wordt een AVI bepaald? Een duidelijk overzicht van de verschillende AVI niveaus en wat ze inhouden.

Achtergrond
Lees meer

Wat is AVI?

Veel kleuters kunnen al hun naam schrijven, of een aantal letters herkennen. Maar in groep drie begint het echte werk.. leren lezen. Een spannend en vaak ook leuk proces. Ineens leest je kind aan de ontbijttafel voor wat er op het pak hagelslag staat!

Achtergrond
Lees meer