Illustratie uit Mijn zelfleesboek voor groep 3 door Saskia Halfmouw

Wat is AVI?

Veel kleuters kunnen al hun naam schrijven, of een aantal letters herkennen. Maar in groep drie begint het echte werk.. leren lezen. Een spannend en vaak ook leuk proces. Ineens leest je kind aan de ontbijttafel voor wat er op het pak hagelslag staat!

Elk kind begint met AVI start, en leert dan woorden als maan, roos, bos. Het zijn woorden die je precies zo schrijft als je ze uitspreekt. En dan gaat het steeds een stapje verder, er zijn in totaal 12 leesniveaus.  Elk niveau wordt aangeduid met een letter en een cijfer. Die letters, de  M en de E staan voor Midden en Eind. En het cijfer geeft de jaargroep aan. Leest je kind op niveau E5? Dan weet je dat het niveau is dat de meeste kinderen bereiken aan het eind van groep 5.

De AVI niveaus lopen door tot aan het eind van groep 7. Daarna volgt nog niveau AVI plus, en dan is je kind ‘AVI uit’, en kan het in principe alles lezen. Maar direct aan het burgerlijk wetboek beginnen is dan nog niet aan te bevelen…

Op deze pagina

Over het AVI niveau

Hoe wordt het AVI niveau bij je kind vastgesteld?

Op school worden 2 x per jaar leestesten afgenomen. Inderdaad, in het Midden en aan het Eind van het schooljaar. De leerling leest dan hardop een stuk tekst van een leeskaart. Gebeurt dat vlot en (vrijwel) foutloos, dan is een bepaald niveau behaald.

Het AVI niveau meet het technische leesniveau. Dat zegt lang niet alles. Het is bijvoorbeeld grappig om te zien hoe snel een – technisch best lastig- woord als pannenkoeken begrepen wordt. Als het onderwerp van een boek je kind boeit en de motivatie daardoor groot is, leest het door. Ook al heeft dit boek een hoger AVI. Dit wil niet zeggen dat je kind steeds een boek met een hoger niveau moet pakken. Vlot door kunnen lezen op het eigen, of een lager, niveau is ook fijn. En het stimuleert de snelheid waarmee je kind woordbeelden herkent en informatie opneemt. Het belangrijkste is: leeskilometers maken!

En als het niet zo vlot gaat?

Er zijn verschillende manieren waarop je je kind kunt stimuleren tot meer lezen. Heeft je kind niet zo’n lange concentratieboog? Er zijn ook AVI strips en zelfs moppenboeken! Of informatieve boeken met weetjes, dan kan je kind na het lezen jou overbluffen met zijn kennis.

Voor oudere kinderen is het fijn dat er ook boeken zijn waarin elk hoofdstuk een op zichzelf staand verhaal bevat. De eerste boeken over mees Kees, Fien, De woonbootbende en De regels van Floor.

Of je kunt met je kind ‘toneellezen’. Daarvoor zijn er boeken met dialogen die je om de beurt leest. Je voert dan eigenlijk samen een toneelstukje op. Acteren, een aparte stem opzetten… leuk om te doen!

Blijf ook voorlezen. Vaak stoppen (groot)ouders met voorlezen na groep drie. Dat is jammer. Want voorlezen zorgt voor een rustpunt in de dag, en geeft vaak aanleiding tot leuke gesprekken. Bovendien verrijk je er de woordenschat van je kind mee. Een goede truc is ook  om op een spannend moment te  stoppen en het voorleesboek dan een tijdje te laten slingeren… De kans is groot dat je kind nieuwgierig is geworden en zelf verder gaat lezen.

 

Bekijk onze boekentips per AVI-niveau