Schaduwbroer_Iris Hannema

Interview Iris Hannema

Iris Hannema werkte jarenlang als reisjournalist. Ze reisde de afgelopen tien jaar naar meer dan honderd landen in vijf continenten. Eerder schreef ze non-fictieboeken over haar reizen. Schaduwbroer is haar eerste roman, een meeslepende literaire roman over de zoektocht van een zus naar haar verloren broer in Japan. Wij vroegen haar hoe het was om voor het eerst een roman te schrijven en waar ze haar inspiratie vandaan haalt.

Op deze pagina

'Ik zou iedereen aanraden in ieder geval één keer op reis te gaan zonder telefoon, dan wordt het pas echt spannend.’ 

Je bent bekend als journaliste en auteur van non-fictie reisboeken als Het bitterzoete paradijs, Miss yellow hair, hello! en Reizen volgens Hannema. Schaduwbroer is je eerste roman. Hoe ontstond het idee om fictie te schrijven?

‘Op het atol in Frans-Polynesië, vlakbij Tahiti, waar ik gewoond heb, werd heel veel gefreedived (zo diep mogelijk duiken zonder duikuitrusting, dus zelf je adem inhouden). Ik ben daar zelf heel slecht in, alleen al van het idee krijg ik het benauwd, en juist daarom fascineert het me. Jaren geleden overleed een beroemde freediver, een Russische; ze verdween onder water en haar lichaam werd nooit gevonden. Inmiddels is haar zoon Aleksey achtvoudig freedive-wereldkampioen. Ongelooflijk toch? Zo kwam ik erop om een roman te schrijven die draait om de zus van een overleden freediver, en de impact van dat verlies op haar leven.’

Je bent wereldreiziger. Schaduwbroer speelt zich grotendeels af in Tokio, in Japan. Wat betekent Japan voor jou? Waarom speelt Schaduwbroer zich hier af?

‘Ik ben groot fan van Japan. Het is een overweldigende Disneyachtige ervaring, met vloedgolven van knalkleuren, j-popstemmen, schreeuwerige videoschermen, mangafiguurtjes en flashy reclameborden. Echt, als je ergens fijn alleen kunt reizen, is het in Japan: alles is uitermate goed geregeld, zelfs de treinen rijden tot op de seconde precies en het is er zo schoon dat je van de grond kunt eten. Vind maar eens een land op de wereldkaart waar je dat tegenkomt.’

Je hoofdpersoon Hebe maakt in Schaduwbroer haar eerste verre solo-reis, in de voetsporen van haar broer Alec die veel reisde. Net als Hebe heb je veel alleen gereisd. Hoe is dat? Wat doet het met je als mens om op jezelf aangewezen te zijn in een ander land waar je niemand kent en de taal niet spreekt? Beleef je reizen intenser wanneer je alleen bent? 

‘Uitgespuugd worden door het vliegtuig en ineens helemaal alleen aan de andere kant van de wereld zitten is heftig. Maar het went supersnel. Van alleen reizen heb ik zoveel geleerd: dat ik het alleen ook heel fijn kan hebben en ik anderen niet nodig heb om gelukkig te zijn. Dat had ik niet in Nederland kunnen leren, want daar omringde ik mezelf altijd met mensen, als een soort firewall, en precies die is er alleen op reis niet meer.’

Hebes telefoon valt kapot vlak voordat ze in het vliegtuig naar Tokio stapt. Ze kiest ervoor geen nieuwe telefoon te kopen en de reis zonder telefoon te maken. Heb je zelf wel eens gereisd zonder telefoon, zonder constant bereikbaar te zijn, en hoe vond je dat?

‘Haha, ja, zo oud ben ik al dat ik dat heb meegemaakt. Ik ben op mijn achttiende begonnen met reizen en heb ontelbaar vaak in de snikhitte een internetcafé moeten zoeken om mijn ouders te laten weten waar ik was. Maar dat had ook iets heel romantisch, helemaal onbereikbaar zijn, niemand die weet waar je bent, wat je doet. Ik zou iedereen aanraden in ieder geval één keer op reis te gaan zonder telefoon, dan wordt het pas echt spannend.’

Schaduwbroer gaat niet alleen over reizen en ontdekken wie je bent, maar ook over rouw. Hoe was het om over zo’n groot verdriet te schrijven?

‘Ik wilde graag schrijven over al die etappes van pijn en die afdaling in verdriet, hoe je steeds een treetje dieper moet, steeds een ander gevoel tegenkomt, van boosheid tot bang zijn iemand te zullen vergeten. Totdat het op een dag echt een plek heeft gekregen en dat rauwe een litteken is geworden. Ik voelde me terwijl ik dit boek schreef bij vlagen ook echt verdrietig.’

Op het omslag van Schaduwbroer prijkt een bekende illustratie: De grote golf van Kanagawa, een houtsnede uit 1833 van de Japanse kunstenaar Hokusai. Wat betekent de zee voor jou?

‘Veel! Ik ben getrouwd met een duikinstructeur en ben zelf ook duikinstructeur geworden. We hebben elkaar ontmoet aan zee, onze eerste date was onder water en ik ben ook nog eens opgegroeid in Haarlem, vlakbij zee. Als ik de zee een tijdje niet heb gezien, voel ik echt heimwee, naar die weidsheid en naar de geur, en het gekrijs van zeemeeuwen, al hoor ik die ook vaak rond vuilnisbakken in de stad, haha.’

Wat is het mooiste inzicht dat het reizen jou heeft gebracht?

‘Nadat ik na een lange reis door West-Afrika weer in Nederland was, stond ik totaal in shock in de Albert Heijn. Wat een luxe! Ik vond het Appie-assortiment zo overrompelend dat ik met een lege plastic tas terug naar huis liep. Die dankbaarheid voor waar ik ben opgegroeid, voor hoe goed we het hebben, dat is onbeschrijfelijk en dat voel ik nog steeds.’

Schaduwbroer

Schaduwbroer

Iris Hannema

‘Ik ga naar Japan. Ik moet wel.
Ik volg Alecs kaart, zijn laatste kaart, zijn laatste woorden.’

Hebe reist in de voetsporen van haar overleden broer Alec naar Japan, op zoek naar antwoorden over zijn dood. Alec was professioneel freediver. Hebe kan niet geloven dat hij is verdronken. In zijn laatste woorden leest zij een boodschap, als sporen die ze kan volgen. Die leiden haar naar het bruisende hart van Tokio en ten slotte naar Ishigaki, een eiland in de diepblauwe oceaan…
Op zoek naar wat Alec haar niet kon vertellen ontdekt Hebe hoe het is om alleen te reizen, zich los te maken van alles wat vertrouwd is en zich te redden in een land waar ze niemand kent.