Wat ik de bomen wil vertellen

Kinderboeken over groen doen!

Ga thuis voor groen! Het is niet altijd makkelijk om kinderen de verandering van het klimaat en het belang van ‘groen doen’ uit te leggen. Met leuke tips uit de boeken Ga voor groen! en Plastic Soep leer je kinderen wat we kunnen doen om de wereld groener te maken. Schrijver Enzo Pérès-Labourdette vertelt hoe hij de klimaatverandering verwerkte in zijn prachtige prentenboek Wat ik de bomen wil vertellen.

Ga voor groen

Ga voor groen! 

Een complex probleem toegankelijk beschreven

Na een leuk verjaardagsfeestje kijken vier vrienden om zich heen. Wat een troep! Overal liggen etensresten, inpakpapier, ballonnen en plastic speelgoed… Wat gebeurt er met dit afval?

Lulu, Daan, Emma en Amir gaan op onderzoek uit en leren hoe ze goed voor de aarde kunnen zorgen. Tot hun verrassing is groen leven helemaal niet zo moeilijk! Alle beetjes helpen en ook jij kunt meedoen. Neem een zero waste lunch mee naar school, trek een trui aan als je het koud hebt of tover oude rommel om tot iets nieuws. Dit boek staat boordevol groene tips voor een betere wereld.

Ga voor groen! is geschreven door Liz Gogerly en is voor kinderen vanaf 8 jaar. Bekijk het boek hier.

Bij het boek is een lesbrief gemaakt, met extra doe-opdrachten en ideeën om aan de slag te gaan met dit onderwerp. Bekijk de lesbrief hier.

 

Wat ik de bomen wil vertellen groen doen

Wat ik de bomen wil vertellen 

Prachtig prentenboek over een boompje dat naar het poolgebied trekt

‘Toen ik uit het propellervliegtuig op Spitsbergen stapte, dacht ik op een eiland van ijs en steen geland te zijn. Maar naarmate ik het onherbergzame landschap meer verkende, ontdekte ik de geheimen van het poolgebied. Kinderen kunnen dat nog vanzelf. Zij kijken als avonturiers.’ – Enzo Pérès-Labourdette over zijn reis naar Spitsbergen.

Enzo Pérès-Labourdette reisde in de zomer van 2016 naar Ny-Ålesund op het eiland Spitsbergen. Dit is het meest noordelijke dorp op aarde, waar je alleen mag verblijven op uitnodiging van een internationaal wetenschappelijk instituut dat daar gevestigd is. Er wordt met name onderzoek naar de effecten van klimaatverandering gedaan.

Enzo mocht als veld-assistent op pad met de wetenschappers. Hij ontdekte de schoonheid van deze eilandengroep binnen de poolcirkel. Een schoonheid die bedreigd wordt door de opwarming van de aarde. Dit inspireerde hem tot het maken van Wat ik de bomen wil vertellen.

In dit prachtig geïllustreerde verhaal volg je een boompje dat meereist met de ganzen naar het hoge noorden en daar de veranderingen rond de Noordpool meemaakt.

Ssst… Iedereen in het bos slaapt nog. Iedereen, behalve één boompje en de ganzen.
‘Ga je met ons mee?’ gakken ze.
Boompje ontdekt een koude wereld waar de zon in de zomer niet ondergaat. ‘Hallo, woont hier iemand?’
Samen met de dieren van het eiland geniet hij van de warmte. Maar dan smelt het ijs.

Bekijk het prentenboek hier. Ook bij dit prentenboek is een lesbrief gemaakt. Bekijk de lesbrief van Wat ik de bomen wil vertellen hier.

 

Wat ik de bomen wil vertellen

Interview met Enzo Pérès-Labourdette over zijn boek

  • Hoe ben je op het idee voor het prentenboek ‘Wat ik de bomen wil vertellen’ gekomen?

Toen ik op Spitsbergen was zag ik de enorme gevolgen van klimaatverandering. Bij ons thuis zie je dat wat minder goed, maar op Spitsbergen zie je meteen hoe het ijs en de dieren worden beïnvloed. Ik vond dat er te weinig door mensen onderling over werd gesproken, en dat er te veel belerende informatie was. Daarom wou ik graag een boek maken voor ouders en hun jonge kinderen dat laat zien wat er gebeurt, om zo hun nieuwsgierigheid te stimuleren.

  • Kun je kort vertellen wat voor reis je hebt gemaakt?

Ik ben drie weken naar het pooleiland Spitsbergen geweest, om daar een bioloog te helpen die zijn onderzoek doet bij het meest noordelijke dorp ter wereld. We hebben de brandganzen die hij onderzoekt ringetjes om hun poten gegeven zodat onderzoekers kunnen zien waar ze heen vliegen. Ondertussen liet hij me de (prachtige) natuur en de dieren die er leven zien. Ik heb zelfs een ijsbeer met jong gezien!

  • Wat was het meest indrukwekkende moment van je reis, welk moment is je bijgebleven?

Het eerste wat opviel was dat het daar altijd licht is in de zomer! De zon gaat nooit onder. Maar het meest indrukwekkende was toen Maarten Loonen (de bioloog) me meenam op een lange wandeling naar de top van een klif waarop allemaal vogels broedden. Van zo hoog zag je heel goed hoe erg de gletsjers gesmolten zijn de afgelopen tien jaar.

  • Op wat voor manier ben jij bezig met ‘groen doen’ en je in te zetten voor het klimaat?

Ik probeer zoveel mogelijk plasticvrij boodschappen te doen, best lastig! Ik ga zoveel mogelijk naar de markt met herbruikbare tasjes voor de groenten en potjes om bijvoorbeeld lekkere hummus in te doen in plaats van plastic bakjes. Ook neem ik m’n koektrommel mee om koekjes van de bakker mee te nemen. Het is ook nog allemaal veel lekkerder dan spullen uit de supermarkt. Wat nog het meeste helpt is het niet eten van vlees. Ik eet geen vlees en zuivel meer, maar je kunt bijvoorbeeld ook proberen om alleen in het weekend vlees te eten als je daarvan houdt. Ook nog eens gezond! Het belangrijkste is om beetje bij beetje nieuwe groene gewoontes aan te leren en niet alles tegelijk te willen. Zo kun je bijvoorbeeld iedere maand een nieuwe uitdaging kiezen, zodat je even de tijd hebt om te wennen. Er zijn nog steeds dingen die ik helemaal niet goed doe, zoals af en toe vliegen. Ik doneer dan aan CO2-reductie doelen. Maar het zou beter zijn om niet te vliegen!

  • Waarom vind je het belangrijk dat kinderen van kleins af aan de ernst van klimaatverandering meekrijgen?

Ik denk dat kinderen zich nu al heel bewust zijn van de ernst van klimaatverandering. Ik vind het vooral belangrijk dat kinderen door het voorlezen de mogelijkheid krijgen om met hun ouders, opa’s, oma’s of juffen en meesters in gesprek te gaan over klimaatverandering. Het zijn met name de volwassenen die de ernst van klimaatverandering nog niet helemaal meekrijgen, terwijl zij voor die verandering hebben gezorgd.

Plastic soep is troep

Plasticsoep is troep! 

Wat kunnen we doen tegen zwerfplastic?

Je staat er niet altijd bij stil. Maar al het zwerfplastic dat wij weggooien komt uiteindelijk in rivieren en in zee terecht. Het vergaat nooit meer en wordt samen één grote plasticsoep.
Vissen, schildpadden en zeehonden hebben er last van. Plasticsoep is troep is een informatief boek over vervuiling, natuur en milieu en sluit aan bij de leesmethode Estafette.

Van elk verkocht boek gaat één euro naar de Plastic Soup Foundation. Bekijk het boek hier.